2012-04-22 - Scheepswrak

Xela had ik verlaten. Op de grens van El Salvador waren er geen problemen anders dan hele lange wachttijden om mijn tijdelijke importvergunning voor de motor van Guatemala om te zetten in een Salvadoraanse. Hierdoor was het bijna donker toen ik in Santa Ana aankwam. Ik vond een plekje waar ik kon slapen en mijn motor kwijt kon. Vanuit Santa Ana is het een korte rit naar de Santa Ana vulkaan, die ik ook beklom. bovenaan de barre vulkaan, waar niets leefde en er alleen vulkanisch gesteende is, keek ik neer in de krater waarin zich een meer gevormd heeft. Dit meer had een giftig groene kleur wat mij ondanks de hitte niet echt aanlokte om te zwemmen.

El Salvador heeft net als Guatemala een gruwelijke burgeroorlog achter de rug. Een ingewikkelde geschiedenis van veel dictators die met geweld aan de macht kwamen en de inheemse bevolking onderdrukten, wat resulteerde in opstand en geurillastrijders. De machthebbers reageerden hierop in 1932 met een uitnodiging voor een "peacefull meeting", waar het leger meer dan 30.000 mensen vermoordden. De meest donkere dag in Salvadoraanse geschiedenis. In recentere jaren hebben eerlijkere verkiezingen geleid tot veel economische en sociale condities, en hoewel het misdaad niveau nog steeds hoog ligt, is El Salvador tegenwoordig een van de meest economisch ontwikkelde landen.

Van Santa Ana reed ik door een prachtig bergachtig landschap naar Suchitoto. Dit pittoreske dorpje ligt aan het grootste meer van El Salvador, dat een goede verkoeling tegen de hitte gaf. Vanuit Suchitoto ben ik richting de Honduraanse grens gereden. Hier had ik hetzelfde oponthoud voor de motorpapieren. Diezelfde dag kwam ik aan in Copán. Hier staan de restanten van een van de meest zuidelijke mayasteden. In de ruines zelf was het rustig en waren er bijzondere beeldhouwwerken. Deze stad was cultureel de meest ontwikkelde van de zuidelijke mayasteden.

Een dag verder rijden bracht me naar La Ceiba, waarvandaan een boot me naar Utila bracht. Dit is een van de Islas de Bahia, ofwel baai eilanden, van Honduras. Ooit voor korte periodes Nederlands en Spaans bezit, waarna Engeland de eilanden als kolonie hielden tot 1860, waarna de kolonie overgedragen werd aan Honduras. De eilanden werde officieel bij Honduras grondgebied gevoegd in 1913. Net als veel eilanden aan deze caribische kust werden deze gebruikt als piratenschuilplaatsen. De bewoners van deze eilanden zijn voornamelijk afstammelingen van de Engelsen, hoewel er vooral in recente jaren meer mensen van het vasteland naar het eiland verhuisd zijn. De taal hier is Engels, maar net als in Belize is het gesproken met zo´n sterk Caribisch accent dat ik het niet kan verstaan.

Ik deed op Utila mijn gevorderde duikcursus. Daarmee was ik gecertificeerd om tot 40 meter te duiken. Vlak van de kust af lag er op 30 meter diepte een scheepswrak. De Haliburton was een vrachtschip van 40 meter lang. Een bezoek aan dit wrak was bijzonder indrukwekkend. Terwijl ik de diepte in daalde doemde het schip langzaam op. De natuur heeft hier zijn werk gedaan en het hele schip is begroeid met zeeplanten en is huis voor vele vissen en ander zeeleven.

Na een week op het eiland nam ik de boot terug naar het vasteland en reed ik via het Yojoa meer in het midden van Honduras naar Nicaragua.   
a
cool dat ship.    
2012-05-02
Betty
Tof dat je weer geschreven hebt, zo blijven we op de hoogte van je reilen en zeilen. Lijkt me mooi.... duiken naar zo\'n wrak. Geniet van Nicaragua. Ajuus, XXX   
2012-04-23
voeg een reactie toe